HOME
Info Wilhelminasluis
Vierdaagse 2019
Dagelijks Nieuws
Sluizen
Foto's Vrachtschepen
Andere Scheepsfoto's
Bijzondere schepen
Schepen >100 jaar
Ansichtkaarten
Historie sluis
Oorlog in de Regio
Historie in de Regio
Andel Toen en Nu
Verhalen
Bodemvondsten
Leuke websites
Andel Wandelt
Vragen
Reacties
Contactformulier
Testpagina

Het is zaterdagmorgen en de zeven is in de klok als we op pad gaan. We zijn vandaag te gast bij WS’78, de wandelclub die je naar plekken stuurt waar niemand weet van heeft.

Na verschillende keren deel genomen te hebben aan deze tocht, bevinden we ons (voorlopig) voor de laatste maal in Klarenbeek, een lintdorp ten zuidoosten van Apeldoorn. 
Maar de tocht is dit jaar anders dan anders, geen twee lussen (oostelijk) met IJssel en (westelijk) met het treinmuseum maar ditmaal een tocht in zuidelijke richting.
Het is vandaag een eentonige tocht, eentonig mooi dan. Het weer geeft ook al geen aanleiding tot gespreksstof; Het is licht grijs en het blijft licht grijs. Het is windstil en het blijft windstil, alleen in de middag een licht briesje. Ook de natuur is eentonig, wel eentonig mooi, héél eentonig mooi. Ook de vogels kunnen de hele dag hun snavel niet houden, maar of dat vervelend is? Ik dacht het niet. 
Het gaat niet echt snel deze tocht; geen 389 km/uur van de slechtvalk, geen 109 km/uur van de zeilvis, geen 98 km/uur van het luipaard, geen 45 km/uur van Usain Bolt en geen 39 km/uur van Daphne Schippers, maar zo’n beetje 5 km/uur. Wel over 42 kilometers en dat is wel wat anders dan een paar honderd meter.
We lopen o.a. door het buurtschap Nieuw Amsterdam, de Loenense Hooilanden, de Empese en Tondense heide en het landgoed Leusveld. We komen tot twee maal toe in het dorpje Hall en lopen een stukje langs het Apeldoorns kanaal. Soms is het wandelen in het bos en dan weer door drassig gras en biezenvelden met wat waterpartijen.
Halverwege de middag zit ons WS’78 seizoen er op en vanaf 5 oktober proberen we daar dan weer van de partij te zijn.
Tenslotte (het wordt nu toch wel erg eentonig) een biertje van de tap.
Hans

Sinte Gertrudis is de patrones van de markiezenstad Bergen op Zoom, waar volgens de legende anno 654 de abdis Geertrui, dochter van Pepijn van Landen, uit het Belgische Nijvel via Antwerpen langs de Schelde de historische stad bereikte. Zij trof daar dorstige vissers aan, voor wie zij een bron met smakelijk zoet water maakte door haar staf in de zilte Scheldebodem te steken. Deze bron bestaat nog steeds, met daarop een kapel (St Gertrudis) gebouwd (ter vervanging van de in de oorlogsjaren verloren gegane kapel) uit overblijfselen van gesloopte kerken. Sinte Geertrui heeft een abdissenkruis om en loopt met een abdissenstaf waarop muizen omhoog lopen, vanwege het feit dat ze eens het volk van een muizenplaag verlost heeft. Ook draagt zij een kelk met minnedrank, dit omdat zij de beschermster is van de voetgangers en reizigers welke voor zij op reis gingen eerst dronken uit Sinte Geertens minne.

 Voor de 32ekeer heeft wandelsportvereniging De Wandelende Krabben www.dewandelendekrabben.nlvoor vandaag haar jaarlijkse Gertrudistocht in Bergen op Zoom op de rol staan. Er valt zelfs te kiezen uit een monumentale Stadsroute of een Groene Route ten oosten en noorden van de stad. En je kunt het natuurlijk ook combineren, dat doen wij en starten eerst met de Groene. Deze route gaat via de bossen van recreatieterrein De Heide, landgoed Vredelust en Buitenlust naar Halsteren. Hierna volgt Fort de Roovere, plas de Grote Melanen, Fort Prinsen en plas Kleine Melanen. Daarna komt de 2ehelft aan de beurt, de Stadsroute. Die brengt ons o.a. bij de plassen Vijverberg Noord en Zuid, St Gertrudiskapel, een zeer onstuimige Binnenschelde, langs beek De Zoom, in het Bolwerkplantsoen en het Lange Park, door de Gevangenpoort, op de Grote Markt met de Sint Gertrudiskerk, door het stadskasteel “de Markiezenhof, het Ravelijn en in het Anton van Duinkerkenpark. 43 kilometer 8.00 – 17.15 uur.

Anton

‘Nijkerkse landschapstocht’, 40 km.

Het is zaterdagmorgen en de negen is nog lang niet in de klok als we op pad gaan. We zijn vandaag te gast bij WS’78, de wandelclub die je naar plekken stuurt waar niemand weet van heeft.

Vanaf het mooie complex Ebbenhorst van voetbalclub Sparta Nijkerk (hoofdklasse) gaan we op pad op deze schitterende lentedag (hoewel het nog winter is). Over deze wandeltocht is, volgens WS’78, zoveel informatie te vermelden, dat ze dit daarom maar in telegramstijl doen. Ik zal me daarom tot enkele hoogtepunten beperken. 
Over drukte gesproken; Op verschillende plaatsen in Nederland is sprake van uit de hand gelopen toerisme. In o.a. Amsterdam, Giethoorn, de Zaanse Schans, Maastricht, Scheveningen en Kinderdijk kan de infrastructuur de tijdelijke overbevolking niet meer aan. Daar is tijdens onze wandeltocht weinig tot niets van te merken. De hele natuur ademt rust, regelmaat en ontspanning uit. Tussen de bomen zien we kasteel en tevens landgoed ‘Oldenaller’ al liggen. Over een oudhollands klinkerpad ronden we het kasteel dat uit 1494 dateert.
Met “leuk da’j d’r bin” worden we op de eerste korte rust verwelkomd en we zullen er later op de dag nog eens terugkomen. Met onze wandelschoenen betreden we verschillende klompepaden en de jas gaat al snel achter in de rugzak. Vlakbij Putten passeren we nog de buurtschappen Krachtighuizen en Huinen en de watertjes ‘Veldbeek’ en ‘Schuitenbeek’ kronkelen de hele dag met ons mee.
Al met al was dit een rustige, niet al te snelle tocht, waarin de geluidbelasting heel laag is en we nauwelijks worden gestoord door motorische geluiden. 
Alleen toen we aan het eind weer in de kantine arriveerden zijn we maar met ons biertje naar buiten gevlucht, vanwege de luidruchtige voetbalgasten die aan hun derde helft bezig waren. Samen met een paar welgezinde medewandelaars hebben we tussen de borrelnoten door nog even deze zeer geslaagde dag geëvalueerd.
Hans                                                                  naar de foto's

 

                                         We zeiden tegen het wolkendek
                                         je moet niet zo overdrijven
                                         Maar hij gunde ons het zonnelicht
                                         en wilde niet langer blijven

De Duivelsberg is een gebied met veel beboste heuvels (met 75,9 meter is de gelijknamige Duivelsberg de hoogste), kleine weitjes en akkertjes.  Op de zandkoppen groeien meestal dennen, elders lijkt de plantenwereld op die van Zuid -Limburg. Eiken, opvallend door hun grillige vormen, beuken en berken zijn de boomsoorten die hier van nature voorkomen. Langs de wegen staan monumentale tamme kastanjes. 
Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft het gebied zwaar te lijden gehad van de strijd. In mei 1940 lagen Duitse eenheden verborgen op de Duivelsberg en in de winter van 1944/45 ging de frontlinie diverse keren heen en weer over de Duivelsberg. 
Na de oorlog is het gebied in eerste instantie Duits grondgebied gebleven. Na enkele jaren heeft er een grenscorrectie plaatsgevonden door ruil met een stukje Nederland bij Elten. Vanaf dat moment start het stukje Nederlandse geschiedenis van De Duivelsberg.

Tussen de start en het eindpunt bij het Citadelcollege aan de Griftdijk in Lent kreeg je vandaag behoorlijk wat voor je kiezen. Het pittigste zat hem in de eerste drie uren van de tocht. Nogal wat hoogtemeters moesten er gemaakt worden. Met andere woorden veel “klimwerk”. Ik weet niet hoeveel trappen/trappetjes we daarbij wel niet tegengekomen zijn. Het was op en af bij een ris bruggen, bij de stadswallen en het Valkhof Park in Nijmegen. 
Maar die hindernissen (hoe je zo ook wilt noemen) lagen ook in de heuvels bij Beek en Berg en Dal op ons pad. In de ronde van Lent, Nijmegen, Beek, Ubbergen, Berg en Dal, Zyfflich, Persingen, Ooij, buurtschap Vliedberg, Nijmegen en Lent waren we zelfs bij Zyfflich nog even de grens over. 
Na de heuvels kregen we te maken met de Ooijpolder die uit zowel een binnen- als buitendijks gebied bestaat. Hier rondden we voor een groot gedeelte de Bisonbaai en na het natuurgebied Groenlanden konden we zelfs nog even wat langs de Waal struinen tot aan de Waalbrug in Nijmegen. 
Na de oversteek van deze brug doemde het eindpunt ook zo op. Hier waren we het er snel over eens dat het ondanks het pittige een heel fraaie tocht is geweest. 40 kilometer  9:00 – 17:05 uur.

 

Anton                                        naar de foto's       muziek van bensound.com

Het is zaterdagmorgen en de negen is in de klok als we op pad gaan. We zijn vandaag te gast bij WS’78, de wandelclub die je naar plekken stuurt waar niemand weet van heeft.

We bevinden ons in Laren, een van de oudst bebouwde plekken in het Gooi. De allereerste mensen die er woonden waren dragers van de zogenaamde trechterbekercultuur, omstreeks 2500 v. Chr. 
De vorige eeuw is Laren vooral een  kunstenaars- en forensendorp geworden voor de nouveau riche. 
Uitkijken dus met wildplassen vandaag. Want wildplassen doen we als wandelaar regelmatig. En zeg nou zelf, wildplassen is vooral voor de heren een zaligheid. Tegen een uitgezochte boom hangen en ontspannen maar. Binnen de randen van de pot pissen is er niet meer bij. Nee, voor de wandelaar is de grens van bereik oneindig.
In 2016 kregen maar liefst 16.026 mensen een boete (€140) voor wildplassen, waaronder 370 vrouwen.
Meestal is het strafbaar binnen de bebouwde kom, maar dat kan per gemeente verschillen (Algemene Plaatselijke Verordering). Uitkijken dus.
Op onze 60egezamenlijke AndelWandelt WS-tocht komen we al direct na de start in een prachtig schilderij terecht, de glooiende Zuiderheide die voorzien is van een witte vernislaag. Totaal zijn er 543 deelnemers én de stralende zon die de hele tocht mee loopt.
Vlak bij Hilversum beklimmen we al zigzaggend, gelijk in de Tour de France, de 682 meter lange Col du Poubelle. Na de afdaling lopen we het bos in (Anna’s Hoeve) en halverwege de tocht passeren we bij Lage Vuursche het verscholen kasteel Drakensteyn. Het heuvelachtige natuurgebied de Stulp is onze volgende passage. Na nog een stukje prachtige heide komen we bij het langgerekte (300 breed en 3000 meter lang) landgoed Groeneveld.
Tenslotte nog een stukje bos en we zijn tegen vijf uur weer waar we vanmorgen gestart zijn, de kantine van sportvereniging Laren ’99. 
Onze laatste daad daar voor we naar huis vertrekken is een legaal plasje doen in de daarvoor bestemde urinoirs.
Hans


Wilde zwijnen worden wel de nozems van het bos genoemd. De term, die tegenwoordig nauwelijks nog wordt gebruikt, betekent iets als ‘vrijgevochten en zelfbewust.’ Wilde zwijnen struinen overal rond waar ze voedsel kunnen vinden, maar als ze onraad bespeuren zijn ze zo weer weg.

Nou we moeten het vandaag doen met een tweetal “neppers” van een moeder met kind. De ene als tuinversiering en de andere is een houten kunstwerk bij de Plaggenweg in Vierhouten. Eigenlijk niet zo verwonderlijk dat we de “echte” niet gezien hebben, ze zijn namelijk van nature niet overdag, maar in de schemering en 's nachts actief. Maar dat de wilde zwijnen er zijn is wel duidelijk want regelmatig zijn we van hen onderweg wat sporen zoals een modderpoel tegengekomen.
Wat de tocht van Nunspeet naar Vierhouten(2x), Elspeet en weer terug naar Nunspeet zelf betreft, wordt de toon ervan gelijk al na de start in Nunspeet bij Zalencentrum De Pineta gezet. We krijgen meteen al het heuvelachtige Hendrikbos voor onze kiezen. En hoogtemeters blijven er vandaag tot het einde toe regelmatig inzitten. Na het Willemsbos, het Leuvenumse bos en Leuvenhorst krijgen we, ondanks het grijze van vandaag, op de zeer fraai Elspeetse Heide zelfs met een heuse berg te maken. Het is de Vossenberg of Vodseberg en die ligt op 33,3 N.A.P.
Hierna komen we na een rustmoment bij restaurant 't Edelhert in Elspeet in het Elspeterbos en we dwalen nogmaals een tijd over zoals gezegd de zeer fraaie Elspeter Heide. Dan scheren we voor de tweede keer langs camping en bungalowpark de Paasheuvel in Vierhouten (genoot in de jaren vijftig grote bekendheid als 
kamphuis en kampeerterrein door de Arbeiders Jeugd Centrale (AJC), de jeugdorganisatie van de SDAP en de PvdA en door Stichting Opwekking met de jaarlijkse pinkster-conferenties van 1973 t/m 1995). Het Sprengenbos, landgoed De Roostee en het Kabouterbos zijn de laatste obstakels die ons uiteindelijk weer bij zalencentrum de Pineta terugbrengen.
Waar we nog even genoeglijk met een “Hert” namijmeren over de mooie WS78wandeltocht en tevens onze eerste van het nieuwe jaar. 40 kilometer  9:00 – 16:45 uur.

Anton

Top