HOME
Info Wilhelminasluis
Dagelijks Nieuws
Sluizen
Foto's Vrachtschepen
Andere Scheepsfoto's
Bijzondere schepen
Schepen >100 jaar
Ansichtkaarten
Historie sluis
Oorlog in de Regio
Historie in de Regio
Andel Toen en Nu
Verhalen
Bodemvondsten
Wandeltochten
Vragen
Reacties
Contactformulier

Jan Sterrenburg, een leven lang geboeid door het water 

In juli 2020 zie ik dat op de sluis van een oudere man foto's worden gemaakt voor het Brabants Dagblad. Het blijkt te gaan om Jan Sterrenburg die als jochie van 15 in 1945 op de Wilhelminasluis komt werken. 


In september 2020 staat in het Dorpsblad Andel "Aktu-Ael", 29ste Jaargang Nummer 1, in wezen hetzelfde artikel. Toch hieronder dat artikel omdat het toch een ietwat andere vorm heeft. Ook nu weer is Teus van Tilborg de schrijver. 

Een leven lang geboeid door het water. Van hulpje op een sluis via sluis- en stuwmeester tot hoofdscheepvaartmeester. Het arbeidzame leven van Jan Sterrenburg heeft zich aan en op de rivier afgespeeld.
Maar ook maatschappelijk was hij actief. In de vakbeweging bijvoorbeeld waarvan hij nog altijd lid is. Daarvoor werd hij deze zomer in het zonnetje gezet.

Sterrenburg heeft zich goed voorbereid op het gesprek. De tafel op het terras bij zijn woning ligt vol met plak- en fotoboeken. "Kijk er maar gerust in hoor". 
Intussen begint hij al te vertellen. Nee, aan gespreksstof geen gebrek bij deze krasse Andelaar, die nog zelfstandig woont aan de Bellefleur. Herinneringen worden opgehaald. 
"Ik ben bezig een boek te schrijven". Als 15-jarig ventje gaat hij op 15 mei 1945 aan de slag op de Wilhelminasluis in Andel. "Weet je hoe ik daar terecht kwam? Met mijn vader en moerder zat ik aan de etenstafel toen mijn vader zei "aan de sluis wordt werkvolk gevraagd", waarop mijn  moeder reageerde: "Ga vanmiddag maar eens kijken". En, voegde mijn vader toe "je moet vragen naar meneer Boender, een man in een uniform".
Nou, ik 's middags naar de sluis en wie kwam ik daar direct tegen? Boender. Op mijn vraag of hij werk voor me had, vroeg hij of ik een schop kon vasthouden. Natuurlijk zei ik ja.
Even later was ik met iemand bezig een schuilkelder, een restant van de oorlog, te slopen. Door de oorlog was op de sluis schade ontstaan. In de dijk zat een gat waar wel een huis in kon. Bij het naar huis gaan kwam ik Boender tegen.
"Kom morgen maar terug en neem een boterhammetje mee". Het was voor Sterrenburg het begin van meer dan 40 jaar dienst bij Rijkswaterstaat in verschillende functies, rangen en plaatsen.

In Andel werkt hij zich al snel op tot sluisknecht. En dat beviel hem prima. Na enkele jaren gaat hij zich verder oriënteren. Hij solliciteert en wordt als sluiswachter aangenomen bij de Hollandsche IJssel stormvloedkering in Krimpen aan den IJssel, het eerste onderdeel van de Deltawerken. 
Hij maakt er de opening mee. "Het was bijzonder daar te werken. Ik was nog jong en moest er ecursies rondleiden. Ik ben toen maar een cursus Spreken in het openbaar gaan volgen. Per slot van rekening was ik maar een boerenjongen uit Ael. 
Als in Hagestein een stuw wordt gebouwd, verhuist hij daarheen. Vervolgens richt hij zich op de sluis in Grave. "In Hagestein kwamen weinig schepen langs en ik wilde promotie maken. Grave was een oude sluis met nog handbediening. Ik wist dat er een nieuwe zou komen."
Hij krijgt er de algehele leiding en is betrokken bij de bouw en opening van de nieuwe sluis in 1974. Op een foto is hij te zien met de toenmalige minister Tjerk Westerterp.
"Terugkijkend is Grave de mooiste periode geweest. Veel meegemaakt, mooie en minder mooie dingen. Ongevallen, ernstige ook, op de rivier en de brug." 
In die tijd werden op de radio dagelijks nog de waterstanden vermeld. De stand bij "Grave beneden de sluis" was dan te horen. Sterrenburg gaf die door, elke ochtend om half acht. Hij vertelt daarover nog een leuke anecdote.
"Op een keer komt een fietser naar me toe met de vaar of ik weet waaar "Grave beneden de sluis" ligt. Elke dag hoorde hij dat op de radio en wilde die plaats nu wel eens bezoeken. Ik heb hem verteld dat die plaats niet bestaat en uitgelegd wat ermee wordt bedoeld."

Na zijn pensionering, hij is dan 58 jaar, wordt hij nog bijna een bekende Nederlander. Zes weken lang trekt hij met zijn boot, omgedoopt tot Consumentenboot, met Consumentenman Frits Bom en zijn team over de Rijn en Donau tot de Zwarte Zee. Elke zondagavond is hij bij de VARA op de televisie te zien. " Een bijzondere belevenis was dat. Echt vakantie voor ons was dat niet. Het was hard werkendag en nacht moest er gevaren worden."

Sterrenburg heeft wat voor de mensen, zijn medewerkers, willen betekenen, voor hun belangen op willen komen. Vandaar dat hij lid werd van een vakbond. "Dat was toendertijd heel gewoon". Verschillende regionale functies heeft hij bekleed binnen de rechtsvoorgangers van Vakorganisatie Personeel Infrastructuur & Waterstaat. "Ik ben altijd lid gebleven. Je leeft daardoor nog mee en je blijft bij". 

 Het jubileum is bij de vakbond niet onopgemerkt gebleven. Hij was het tweede lid van de bond die 75 jaar lid was. Tijdens een bijeenkomst in 't Buitenhoff, op de dag dat hij 90 werd, werd hij namens het hoofdbestuur gehuldigd met een gouden speld, een oorkonde en bloemen.
En dat ging venzelfsprekend gepaard met mooie woorden. Sterrenburg zelf kwam ook aan het woord. In een vraaggesprek met een vertegenwoordiger van de bond haalde hij veel herinneringen op. "Deze huldiging is de afronding van een mooie periode bij Rijkswaterstaat. 


                                   terug naar boven                        terug naar verhalen   
 

Top